Rekenen met Victor Muller

[photo1]Meedoen aan de Formule 1 lijkt eerder op geld weggooien dan op geld verdienen. Spyker denkt daar anders over. Victor Muller rekent het ons voor.

Ambitieus is het zeker, en toch ook wel mooi. Nooit eerder had Nederland een Formule 1 team. Chief executive officer (ceo) van Spyker Victor Muller doet het. Mensen die hem kennen zijn niet verbaasd. Hij is geen man die zich voegt in de Nederlandse middelmaat. Maar de flamboyante voormalig advocaat heeft wel een sluitend financieel plaatje bij het F1-avontuur. Al zitten daar wel wat aannames in. Nu het F1-seizoen 2006 ten einde is, kunnen Muller en zijn mensen zich storten op het werven van nieuwe sponsoren. LeasePlan is de eerste met een driejarige deal voor zowel de Formule 1 als de GT-wagens voor Le Mans.

Spyker kocht anderhalve maand geleden voor 106,6 miljoen dollar het Formule 1-team Midland F1. Daarvoor krijgt Spyker een technisch volledig geoutilleerd gebouwencomplex met windtunnel, nabij het Engelse circuit van Silverstone, met 200 man personeel. “En een verkeerbord met daarop Midland F1 linksaf. Daar staat nu Spyker op”, grapte Muller tijdens de aandeelhoudersvergadering in september.

Spyker gaf nieuwe aandelen uit om de overname van Midland te bekostigen. De emissie leverde 53 miljoen euro op. Lost Boys-oprichter en autogek Michiel Mol nam het grootste deel van de emissie op, maar ook bestaande aandeelhouders deden mee. De opbrengst is bedoeld om de eerste van drie betalingen aan Midland te voldoen. De emissie was niet de eerste sinds de beursgang twee jaar geleden, maar wel de grootste. De 2,65 miljoen nieuwe aandelen betekenen een verwatering van 40 procent.

Na de beursgang heeft Spyker herhaaldelijk nieuwe aandelen uitgegeven: vier kleine plukjes en twee grotere, van respectievelijk 15 en 17 procent. Dat was toen vorig jaar twee partijen uit de Arabische Golfstaten in Spyker stapten. Zoveel aandelen uitgeven lijkt een doodzonde in de financiële markt, maar Muller vindt het geen probleem. Zijn visie is dat het laten groeien van zijn bedrijf belangrijker is dan verwatering.

De betaling van de twee vervolgbedragen is nog ver weg. Een jaar na afronding van de deal moet Spyker 15 miljoen dollar betalen en na twee jaar 23 miljoen. Over de financiering daarvan is nog niets bekend.

Op de aandeelhoudersvergadering gaf Muller een aardig inkijkje in de cijfertjes omtrent het runnen van een Formule 1-team. Zijn sommetjes laten een winstgevend bedrijf zien. Mocht het nou toch niet lukken, dan hoeft Spyker Cars N.V. daar niet voor op te draaien. Spyker MF1 Racing is een volledige dochter van Spyker Cars met een eigen financiële verantwoordelijkheid. Het budget voor het raceseizoen 2006 is 60 miljoen dollar, een schijntje vergeleken met de 300 tot 400 miljoen die fabrieksteams als Ferrari en Toyota per jaar spenderen.

Dat het plaatje sluitend is, is vooral te danken aan nieuwe regelgeving in Formule 1. Een belangrijke is de nieuwe verdeling van televisiegelden. Tot dusver kregen de teams die veel punten haalden veel geld, en zij die minder goed scoorden, weinig geld. Die ongelijkheid wordt rechtgetrokken. Spyker kan daardoor volgend jaar 18 miljoen dollar tegemoet zien uit de televisierechtenpot. In 2008 kan dat méér worden. Het team ziet zijn coureurs ook als inkomstenbron. Zij moeten 28 miljoen dollar in het laatje brengen. Bij de topteams krijgen coureurs dik betaald door hun bazen, maar achteraan in het veld is het juist dokken geblazen.

Een coureur verzamelt persoonlijke sponsors om zich heen die betalen om hem te laten rijden. De coureur houdt zelf een deel van dat bedrag. Naast de vaste racedeelnemers zijn er gelegenheidstestrijders. De afgelopen drie Grand Prix-weekends had Spyker MF1 drie verschillende jonge rijders op de vrijdag in de wagen zitten. “Een paar miljoen voor een paar rondjes, het klinkt getikt, maar er zijn jongens die het ervoor over hebben”, vat Muller samen.

Het gat naar de gebudgetteerde 60 miljoen wordt gedicht door sponsorinkomsten die niet coureurgebonden zijn. Het is de taak van nieuwbakken aandeelhouder en Spyker MF1 Racing-directeur Michiel Mol om de ontbrekende 15 miljoen binnen te halen.

Muller gaf ook inzicht in de kosten voor 2006. Het ontwikkelen van een auto kost 15 miljoen dollar en de arbeidskosten van de 200 personeelsleden zijn eveneens 15 miljoen dollar. De logistieke en hospitalitykosten van een raceweekend bedragen ongeveer 0,5 miljoen dollar, wat een seizoen van zeventien races op 9 miljoen dollar brengt. Spyker MF1 heeft geen fabrieksverbintenis met een motorenbouwer , maar moet motoren gewoon kopen. Midland reed afgelopen seizoen met Toyota-motoren. Voor 2007 heeft Spyker een deal gesloten met Ferrari. Dat kost tussen 16 en 20 miljoen dollar, inclusief versnellingsbak en ondersteuning door Ferrari-monteurs. Het is een huurovereenkomst, waarbij de motoren eigendom van Ferrari blijven.

Volgens Victor Muller is het juist nu interessant om in de Formule 1 te stappen omdat de reglementswijzigingen de kosten drastisch omlaag brengen. Vanaf volgend seizoen is het niet langer de dikste portemonnee die bepaalt wie er wint, betoogt hij. Teams mogen vanaf volgend jaar geen tussentijdse updates uitvoeren om een paar extra pk’s te vinden. Dat scheelt volgens Muller “honderden miljoenen dollars” per jaar. Daarbij komt dat er volgend jaar maar één bandenfabrikant overblijft. Michelin houdt het voor gezien en laat het over aan Bridgestone.

Alles bij elkaar een koopje, dat Midland F1, op een moment dat de toekomst veel kan brengen. Ter vergelijk: BMW kocht eind vorig jaar het team van Sauber voor 135 miljoen dollar. Mercedes wil McLaren kopen voor 380 miljoen dollar. Men moet niet vergeten dat Spyker door de overname van een bestaand team geen inschrijfgeld van 48 miljoen dollar hoeft te betalen aan Formule 1-organisator FIA. Door de overname spaart Spyker dat geld uit.

Muller gaf ook inzicht in de financiële gezondheid van Midland, of liever, het gebrek daaraan. In 2004 heette het team nog Jordan en wist het 28 miljoen aan sponsorgelden te verwerven. Na de overname door de Rus Alex Schnaider van het staalbedrijf Midland zakte dat in 2005 in tot 3 miljoen. Schnaider besteedde domweg te weinig tijd aan zijn speeltje. Daardoor leed het Midland F1-team dat jaar 37 miljoen dollar verlies. In 2006 bedroeg het verlies voor rekening van Schnaider tot dusver 11 miljoen dollar.

Maar wat gaat dit alles Spyker brengen. Een onvergelijkbare impuls voor de naamsbekendheid en de merkwaarde, betoogde Muller op zijn kenmerkende gloedvolle wijze. Een sterk merk maakt het mogelijk om veel merchandise te verkopen. Ferrari verdient meer aan merchandise dan aan zijn auto’s, weet Muller. “De groep mensen die je auto kan kopen is belangrijk, maar de groep die hem zich nooit zal kunnen veroorloven is net zo belangrijk”, aldus Muller. Zij kunnen zich deel van Spyker voelen met de aanschaf van een petje of zonnebril. “Die aspiratiegroep moet je volduwen met handel. Aanvankelijk kopen alleen de mensen die het kunnen betalen je auto. Vervolgens gaat het om de groep die getrokken wordt door de merkuitstraling.”

Qua sponsoring wordt het Nederlandse bedrijfsleven wakker. LeasePlan Nederland meldde zich onlangs als nieuwe sponsor. Commercieel directeur Edward Vis vindt de Nederlandse component belangrijk. “We hebben de overeenkomst gesloten als LeasePlan Nederland. Als marktleider in Nederland willen we graag onze klanten meenemen naar evenementen waar Spyker rijdt. Auto’s is ons vak, tenslotte. Spyker heeft zich slagvaardig getoond door het binnenhalen van Christijan Albers en Ferrari-motoren.” Vis wil geen bedrag noemen.

Bankverzekeraar ING is groot ingestapt in de Formule 1, maar helaas voor Spyker niet bij hen. ING is de komende drie jaar titelsponsor van Renault. Sportmarketingexperts schatten de waarde van de deal tussen 50 en 100 miljoen euro, inclusief de reclame langs de circuits. ING koos bewust voor een topteam en een niet-Nederlands team, omdat het zijn internationale merkbekendheid wil vergroten.

Bron: FEM Business